Auteur: Monique Smitsloo

‘Het is hier alleen maar mooier, hipper en gezelliger geworden’

Wonen en werken op de Zuidas, Lisette Vriend combineert beide. “Buitenveldert en de Zuidas ademen een hele prettige sfeer waar ik gelukkig van word. En het is alleen maar mooier,…

Wonen en werken op de Zuidas, Lisette Vriend combineert beide. “Buitenveldert en de Zuidas ademen een hele prettige sfeer waar ik gelukkig van word. En het is alleen maar mooier, hipper en gezelliger geworden.”

Als je als fervent Ajacied een tikkeltje schoorvoetend een avondje in de Johan Cruijff ArenA overslaat om bij de buurtvergadering te zijn, dan mag je jezelf simultaan een trotse Amsterdamse én een trotse Buitenveldertse noemen. Lisette Vriend voelt zich al jaren thuis in de buurt. “Alleen al boodschappen doen is een feestje. Ik stap de lift in, en kan zo overdekt door naar de super.”  

“Ik ben in Aalsmeer geboren,” vertelt Lisette. “Maar daar had ik het als jonge meid ook wel weer vrij snel gezien. Dus verhuisde ik naar Amsterdam en ben daar nooit meer weggegaan. Na de Havo koos ik voor Schoevers. Overigens heb ik nog even de droom gekoesterd om stewardess te worden. De wereld rondreizen, een tijdje op mooie plekken blijven, heel leuk leek me dat… Maar daar ben ik snel van teruggekomen. Het luchtverkeersleventje is lang niet meer zo glamorous als vroeger. Ik kwam er toentertijd bovendien achter dat ik veel beter iets anders kon doen: sales. Daar bleek ik goed in te zijn en echt blij van te worden. Dus ik heb jarenlang op allerlei vlakken gewerkt op het gebied van accountmanagement.” 

Ingerold

Lisette woont op het Gelderlandplein. Sinds een jaar werkt ze zo’n beetje om de hoek, op de Boelelaan, als assistent/officemanager. Dat doet ze bij Vanderkruijs, een recruitmentbedrijf voor eindverantwoordelijke functies in de publieke en publiek-private sector. Hierbij kun je denken aan hoge functies binnen allerlei overheid gerelateerde banen, voor bijvoorbeeld ziekenhuizen, universiteiten en hogescholen en gemeenten.

“Het voelt alsof ik er echt ben ingerold. Ik zocht een tijdje geleden naar werk in de buurt, omdat ik hier behalve wonen ook wilde werken. Op de Zuidas barst het van de recruitmentbedrijven. Maar deze specifieke functie bleek een schot in de roos.” 

Lisette noemt zichzelf een ‘vliegende keep’. “Ik vind het geweldig om de hele dag van alles en nog wat voor mijn voeten geworpen te krijgen en dat in goede banen te leiden. Evenementen organiseren, afspraken inplannen…”

Hoe zit het met de vrouwen?

Volgens Lisette hoeven we ons trouwens niet al te veel zorgen te maken over de vertegenwoordiging van het aantal vrouwen op de Zuidas. “Ook in hogere functies zie ik ze overal. In ons kantoor werken zelfs toevalligerwijs meer vrouwen dan mannen.” 

Lisette: “Ik woon al jaren in Buitenveldert. Maar vroeger vond ik dit stukje maar een beetje een oude truttenbende. Dat voelt nu bijna onvoorstelbaar, want het heeft zich op zo’n niveau ontwikkeld dat het nu super-de-luxe is om hier te wonen… Buitenveldert en de Zuidas ademen een hele prettige sfeer waar ik gelukkig van word. Het is alleen maar mooier, hipper en gezelliger geworden. Je hebt voor ieder wat wils, alles bij de hand.”

“Als ik boodschappen wil doen, stap ik zo in de lift om beneden bij het overdekte winkelcentrum te shoppen. Met steeds meer leuke tentjes. En die internationale allure spreekt me ook wel aan. In ons gebouw tref je zo’n beetje alle nationaliteiten aan. Er wonen ook veel expats. Dat geeft ’s avonds soms een best wel bijzondere geursensatie. Want dan ruik je alle verschillende kookkunsten door elkaar, haha.”

‘Lunchen-lunchen’

Lisette: “Ik houd wel een beetje van ‘lunchen lunchen’, zeg maar. Dus niet even snel een broodje eten, maar wat uitgebreider, er een middag voor uittrekken met een voor- en hoofdgerechtje. Dat je ’s avonds eigenlijk niet meer hoeft te eten, fijn toch?” Dat doet Lisette in de regio, vertelt ze. “De restaurants van Ron Blaauw. Maar ook Het Bosch aan de Nieuwe Meer, dat is trouwens typisch zo’n favoriete lunchspot van het werkende publiek op de Zuidas. En Aan de Poel in Amstelveen vind ik ook te gek.”  

Als Lisette dan toch nog een verbeterpuntje moet verzinnen tussen de moderne glorie rondom de zuidelijke A10, dan zou het hier volgens haar nog wel wat autovriendelijker mogen zijn. “De parkeergelegenheid gaat helaas echt achteruit. Op de fiets ben je overal zo, maar heb je die niet, dan wordt het lastig. Dat vind ik soms nog weleens vervelend voor mensen die hier niet wonen. Oh, en een bioscoop in de buurt zou ook wel fijn zijn. Daarvoor moet je nog de tram pakken naar het centrum. Maar ach, waar hebben we het over?” 

Ajax missen

Lisette en haar man hebben duidelijk een hart voor de buurt. Een buurtvergadering zullen ze niet zo snel overslaan. Zelfs niet als hun geliefde voetbalclub AFC Ajax diezelfde avond een thuiswedstrijd speelt in de Johan Cruijff ArenA. 

“We vinden het van dusdanig belang om betrokken te blijven bij alles wat hier gebeurt, dat we zo’n bijeenkomst absoluut niet willen missen. Dus ja, daar hebben we zelfs een keertje een avondje Ajax voor overgeslagen, haha. Dat vond ik best moeilijk, maar hoort erbij. Ik vind het geweldig in die ArenA te zijn. Echt heel leuk! Maar ik moet je eerlijk zeggen, dat, nu het weer winter wordt, het ook best wel prettig is om het soms gewoon lekker thuis te kijken. Vooral nu al die Champions League-wedstrijden allemaal om 21:00 uur beginnen. Lekker op de bank. Prima hoor…” 

 

 

photo Janiek Dam

Reacties uitgeschakeld voor ‘Het is hier alleen maar mooier, hipper en gezelliger geworden’

Le Fournil de Sébastien voor de perfecte baguette

Er was eens… een klassiek geschoolde bakker uit Frankrijk die verliefd werd op een Nederlandse dame. Sébastien en Susan Roturier popelden om de eerste Franse boulangerie in Nederland te openen,…

Er was eens… een klassiek geschoolde bakker uit Frankrijk die verliefd werd op een Nederlandse dame. Sébastien en Susan Roturier popelden om de eerste Franse boulangerie in Nederland te openen, maar de bank geloofde er niet in. Ze kregen geen lening en hadden daardoor geen geld om personeel aan te nemen. Wonder boven wonder kwam Le Fournil de Sébastien in 2007 toch van de grond. En hoe! Buurtbewoners stonden vanaf dag één in de rij.

“Dat succes was leuk. Maar die periode was een drama!”, vertelt Sébastien. Hij had in die begintijd nog geen bakkers in dienst. Werkdagen duurden geregeld een uur of twintig. En toen stond plotseling ook nog eens wijlen de gevreesde Johannes van Dam voor de deur in zijn illustere donkere pak en met hoge hoed. De man noemde zichzelf de beste culinaire journalist van Nederland en had de reputatie dat hij horecagelegenheden kon maken of breken. 

Van Dam wilde weleens zien hoe het er bij de populaire bakkerij aan toeging. Gelukkig schreef hij een daverende recensie in Het Parool. De omzet steeg acuut met 30 (!) procent. Nu, ruim tien jaar later, heeft Le Fournil honderd medewerkers in dienst, verspreid over drie locaties in Amsterdam, Amstelveen en Hilversum. 

La douce France

Die recensie had overigens niet gehoeven. De geur van verse broden die zich over het Olympiaplein verspreidt, spreekt voor zich. Sommige klanten komen zelfs uit Apeldoorn wekelijks naar Le Fournil om hun brioches, pains spéciaux’ met olijven, abrikozen, vijgen of knoflook halen. Dikwijls nemen ze meteen een paar macarons en citroentaartjes mee, want Le Fournil verkoopt ook heerlijke patisserie. 

Sébastien: “Het is hier net als in Frankrijk. Kinderen rennen naar binnen en klimmen meteen op het bankje om door het glas naar de bakkers in de productiekeuken te kijken. Ik ben blij met die ramen, want zo zien de klanten niet alleen het ambacht, maar ook hoe druk de bakkers daarmee bezig zijn…” 

En inderdaad. In de keuken benen de bakkers driftig heen en weer en wordt er uitsluitend in het Frans gesproken. Immers, alle medewerkers komen uit Frankrijk. 

Baguette als kunst

Volgens een recente aflevering van het televisieprogramma Keuringsdienst van Waarde, maakt slechts 1 procent van de Nederlandse bakkers zijn eigen croissants zelf. Sébastien: “Dat klopt. Bijna alle bakkers gebruiken halffabricaten en kant-en-klare mixen. Maar zo hoort het niet. Daarom zijn baguettes en croissants voor mij ook het moeilijkst om te maken. We produceren ze van A tot Z helemaal zelf. Met slechts een paar basale grondstoffen. Zout, zuurdesem… en het Tradition Française-meel, natuurlijk.” 

Dat Tradition Française-meel is zowat een heilig goedje uit Frankrijk, als we het mogen geloven. “Dit moet aan allemaal strikte wettelijke eisen voldoen en wordt gemaakt zonder ‘trucjes’ zoals broodverbeteraars. Dus de kwaliteit is ieder jaar weer anders. Daar moeten we op inspelen. (Sébastien pakt een baguette, red.) Kijk, deze is scherp, knapperig en gebruind van buiten. Van binnen moet deze zacht en luchtig zijn. Geen sponsbrood, zoals in de supermarkt.”

“En vergeet de aroma’s niet. Daarvoor moet het deeg lang rijzen, tussen de 18 en 24 uur… Dus vanaf twee uur ’s nachts staat hier altijd wel iemand een dienst te draaien. Er komen geen machines aan te pas. Dat is hard werken, maar dat is het ambacht. Ik ben er trots op. Net als het feit dat we alleen vloeibaar zuurdesem gebruiken, wat beter is voor de spijsvertering.” 

Met een broodje lopen

“De gemiddelde Nederlander – en vooral de bewoner van Amsterdam-Zuid – is op veel plekken geweest en weet dus ook veel van smaken”, vertelt Sébastien. “Jullie zijn allang geen half-zes-eters meer. De stad loopt over van de delicatessenwinkels. De Franse en Italiaanse kazen liggen voor het grijpen. Ik vind het wel leuk dat de croissants hier zo populair zijn. In Frankrijk dippen we deze ‘s ochtends in de koffie of we eten ze tijdens het zondags ontbijt, maar de Nederlanders eten ze zowat de hele dag door. Ik vind het ook leuk als ze dan ’s avonds weer terugkomen voor een baguette. Want gelukkig weten steeds meer mensen hoe lekker een goed brood smaakt bij het diner en met een mooi glas wijn.” 

Voor cateringopdrachten van hotelketens of andere grootschalige organisaties, heeft Sébastien beleefd bedankt. Net als een aanbod om jurylid te worden in het populaire tv-programma Heel Holland Bakt. “Ik wil absoluut geen showman worden. Of uitbreiden met een keten. Drie zaken is al meer dan zat. Worden het er meer, dan kan ik de kwaliteit moeilijker waarborgen. Ik wil hoogstens dat we bij Le Fournil alleen maar beter worden in het vak. En natuurlijk de nieuwe generatie bakkers de wijsheid bijbrengen. Ik heb het wiel ook niet uitgevonden, ik heb de kneepjes ook aangeleerd gekregen van de meesters. Die cyclus moet zich voortzetten. Vakmanschap moet in leven blijven.”  

 

 

Le Fournil de Sébastien
Olympiaplein 119, Amsterdam
Amsterdamseweg 189, Amstelveen

 

 

Reacties uitgeschakeld voor Le Fournil de Sébastien voor de perfecte baguette

Typ hieronder je zoekterm en druk op Enter om te zoeken